BBL of BOL

De voor- en nadelen van een BOL en BBL-monteursopleiding in de landbouwmechanisatie

Date

Bij een mbo-opleiding is er keuze uit twee soorten leerwegen; BOL of BBL. Wat houdt dit in? Wat zijn de verschillen? En wat zijn de voor- en nadelen?

Wat is het verschil?

Het verschil tussen een BBL en BOL-opleiding is de verhouding tussen praktijk en theorie. BBL is de afkorting voor beroepsbegeleidende leerweg en bij dit opleidingstraject ligt de nadruk op de praktijk. Naast het volgen van lesdagen werkt de student bij een leerbedrijf om in de praktijk ervaring op te doen. Een BOL-opleiding, wat staat voor beroepsopleidende leerweg, vindt hoofdzakelijk plaats op school. Tussendoor loopt de student wel stage.

Bij Aeres Tech kun je uitsluitend BBL-opleidingen volgen. Die opleidingen bestaan voor 80 procent uit praktijklessen en voor 20 procent uit theorie. De student gaat eens in de zeven weken naar school. Tussendoor doet hij praktijkervaring op in de werkplaats bij een loon- of mechanisatiebedrijf en wordt hij klaargestoomd als monteur in de landbouwmechanisatie. Jeroen Ekkelenkamp, opleidings- en onderwijscoördinator van Aeres Tech, legt uit: 

“Een schoolweek van een BBL-opleiding bestaat gebruikelijk uit één dag school en vier dagen werken. Bij Aeres Tech werken we met zogenoemde blokweken. In een schooljaar zijn er acht van die blokweken waarbij de student een week lang lessen volgt op de praktijkschool in Ede. Deze acht blokweken verdelen we over het jaar en plannen we om de piekmomenten van een loon- of mechanisatiebedrijf. Zo hoeft een bedrijf zijn medewerkers tijdens drukke periodes niet te missen.” 

Alle lessen in een blokweek vinden plaats bij Aeres Tech in Ede. Als de reisafstand naar Ede te groot is, is er de mogelijkheid om tijdens de blokweken te overnachten in een nabijgelegen hotel. Daar krijgt de student een diner, een goede slaapplek en een ontbijt. 

Aan het werk

Tussen de blokweken is de leerling werkzaam in de werkplaats bij een loon- of mechanisatiebedrijf. Daar voert hij verschillende praktijkopdrachten uit die hij aan het einde van een blokweek heeft meegekregen.  Ekkelenkamp:

“Bij een opleiding van Aeres Tech bestaat een klas uit maximaal twaalf studenten. Hierdoor is er veel persoonlijke aandacht en krijgt elke student goede begeleiding. Zo komt er elke werkperiode een zogenoemde beroepspraktijkvormingsbegeleider naar het bedrijf om de voortgang met de student door te nemen”

Aeres Tech biedt naast een algemene monteursopleiding ook specifieke bedrijfsopleidingen, bijvoorbeeld van John Deere, Case, New Holland, Claas, Deutz-Fahr, Fendt, Valtra en Massey Ferguson. Ekkelenkamp: “Als je een bedrijfsopleiding wilt volgen, moet je ook werkzaam zijn bij een dealer van het desbetreffende merk. Heb je nog geen werkplek gevonden, dan helpen we je hierbij. Hiervoor hebben wij de matching service, een online hulpmiddel waarmee we studenten en bedrijven aan elkaar koppelen.”

Opleidingskosten

De opleidingskosten worden veelal vergoed door het bedrijf waar de student werkzaam is. “Bedrijven die lid zijn van de Metaalunie kunnen zich aanmelden voor de Oom-subsidie. Deze subsidie vergoedt ongeveer 2.300 euro per schooljaar. Daarnaast kun je als bedrijf ook de RVO-subsidie aanvragen”, aldus Ekkelenkamp. De investering van een opleiding bij Aeres Tech ligt wel iets hoger in vergelijking tot andere BBL-monteursopleidingen. Jeroen Ekkelenkamp verklaart:

“Ten opzichte van andere opleidingen krijg je hier veel extra’s. Zo is een student na afronding van de opleiding ook keurmeester en mag hij APK- en veldspuitkeuringen uitvoeren. Ook volgt de student een BHV en VCA-cursus en behaalt hij een heftruckcertificaat. Verder zijn bij een aantal dealerbedrijfscholen ook producttrainingen inbegrepen. Door al deze extra’s zijn studenten tijdens de opleiding en in het werkveld zelfstandiger en is hun technische kennis van een hoger niveau dan bij anders opleiders.”